Het Grote Gouden Eeuw Boek geeft een compleet overzicht van de schilderkunst in de zeventiende eeuw.
De zeventiende eeuw noemt men vaak de Gouden Eeuw vanwege de grote rijkdom die toen werd vergaard en de indrukwekkende cultuur die tot bloei kwam. Het was vooral de schilderkunst die daarin uitblonk.
Talloze schilders met groot talent schiepen gedurende die hele eeuw meesterwerken, die na ruim vier eeuwen nog steeds bewondering wekken. Hun schilderijen behoren tot de pronkstukken van musea waar dan ook.
Aan het begin van de zeventiende eeuw begon men landschappen, stillevens, taferelen uit het dagelijks leven, zeegezichten en kerkinterieurs te schilderen zoals niet eerder was vertoond.
Het lijkt alsof de schilders hun dagelijkse omgeving wilden vastleggen maar zij deden dat allemaal in het atelier achter de ezel. De schilders hadden een verbeeldingskracht die men zich nu niet meer kan voorstellen.
De hele eeuw door dienden zich nieuwe talenten met een eigen stijl aan. De schilderkunst van de Gouden Eeuw kenmerkt zich door een niet aflatende creativiteit, de enorme productie en een manier die uniek was en kenmerkend voor die tijd.
De grote namen Rembrandt, Vermeer, Frans Hals zijn wereldberoemd, maar ook de schilderijen van meesters met minder bekende namen zijn vaak prachtig, heerlijk, kostelijk of indrukwekkend.